Auteur Téa Obreht: ‘Ik heb een hang naar het Wilde Westen’

Téa Obreht debuteerde op jonge leeftijd met de bestseller De tijgervrouw van Galina. Ze won er de Orange Prize for Fiction mee. Haar tweede boek, Achterland, werd wederom een succes. Elegance sprak de schrijfster over een debuutsucces, lesgeven in New York en het vinden van het perfecte huis om in te schrijven.
Téa Obreht

Waar gaat je nieuwe boek Achterland over?
‘Het gaat over twee uiteenlopende levens, allebei gebaseerd op waargebeurde verhalen die zich afspelen in het westen van Amerika. Sommige mensen noemen het een moderne western, en dat klopt. De setting is natuurlijk puur western en het hele verhaal is een hommage aan dit klassieke genre. Ik ben dol op de mythologie die zich heeft gevormd over deze periode in de Amerikaanse geschiedenis. Tijdens mijn research kwam ik heel veel oude verhalen tegen. Verhalen die natuurlijk gaan over sociaal-economische gebeurtenissen in die tijd, bijvoorbeeld de aanleg van treinrails en de trek van mensen naar compleet verlaten gebieden. Heel interessant.’

Waarom ben je zo gegrepen door westerns?
‘Het is een genre waarmee ik ben opgegroeid, ondanks dat ik geboren ben in de Balkan. Ik groeide op bij mijn moeder en haar ouders. Mijn opa en oma waren dol op westerns. Ik denk dat die generatie Amerika volledig mythologiseerde. Als kind verhuisde ik veel. We moesten als gemixt gezin (met twee Auteur Téa Obreht religies, red.) Sarajevo aan het begin van de oorlog ontvluchten voor het te gevaarlijk werd. Ik heb in Cyprus, Egypte en uiteindelijk Amerika gewoond. Thuis was voor mij waar mijn familie was. Dus thuis ging meer om mensen dan een plek. Tot ik een paar jaar geleden op vakantie was in de bergen van Wyoming en Arizona. Ik was direct verliefd op die locatie en kreeg zelfs heimwee toen we naar huis gingen. Het stond bijna symbool voor hoe mensen zich vroeger aangetrokken voelden tot een gebied en zich er dan vestigden. Net als echte pioniers.’

Hoe ben je op het idee gekomen van je laatste boek?
‘Door mijn eigen hang naar de plek en de boeken die ik las, ben ik research gaan doen naar het Westen. Zo stuitte ik op een verhaal waar een deel van mijn boek op is gebaseerd. Het is zo’n typisch kampvuurverhaal dat gaat over twee vrouwen die aangevallen zouden zijn door een mysterieus beest. Het had de bijnaam ‘de Rode Geest’, en zou ronddwalen in Arizona. Via onderzoek kwam ik erachter dat dat beest een kameel moet zijn geweest. Nu zul je denken: een kameel in het Wilde Westen? Ja dus. Het Amerikaanse leger testte destijds namelijk of kamelen geschikt zouden zijn voor die omgeving. De mannen die met die kamelen meekwamen, om ze te trainen, kwamen uit het Ottomaanse rijk. Ik voelde me dus ook direct verbonden met die immigranten. Ik ging er steeds meer over lezen en raakte bijna obsessief gefascineerd door dit verhaal. Toen wist ik: dit wordt mijn tweede boek.’

Je liefde voor Wyoming ging zelfs zo ver dat je er een huis hebt gekocht, toch?
‘Ja, ik wilde heel graag een writer’s residence in dat gebied. Het liefst midden in de natuur, want ik ben dol op wilde dieren, die komen ook veel voor in mijn verhalen. Ik weet nog dat we een huis vonden, inderdaad midden in de natuur, dat perfect aansloot bij mijn beeld van een droomhuis. Tot mijn man zei: “Stel je eens voor dat je hier een week helemaal alleen zit te werken, in het donker, zonder ook maar iemand in de wijde omtrek.” Een paar dagen later vonden we een appartement in Jackson Hole in een veilige condo. Iets minder romantisch dan die afgelegen houten hut in het bos. (lacht) Maar het voordeel is dat ik nog steeds binnen vijf minuten in the middle of nowhere ben. Ik begin er mijn dag altijd met een wandeling door de natuur, op zoek naar wilde elanden. Daar kan ik uren naar kijken. De perfecte manier om tot rust te komen voor ik een dag ga schrijven.’

Je eerste boek was een New York Times-bestseller. Ervoer je veel druk bij het schrijven van je tweede boek?
‘Uiteindelijk wel. Ik ben blij dat ik zo jong was tijdens het succes van mijn eerste boek, daardoor was ik te onervaren om bang te zijn. Ik wist helemaal niet wat normaal was. Je denkt: nu weet ik hoe ik een boek moet schrijven. Ik begon dus ook direct met mijn tweede boek. Maar de waarheid is dat je alleen weet hoe je dat eerste boek moest schrijven en bij een tweede kan het compleet anders gaan. Daarnaast schrijf je als ongepubliceerde schrijver heel veel drafts die in de prullenbak verdwijnen. Je denkt dat je na zo’n eerste succes meteen weer een publiceerbaar werk schrijft, maar niets is minder waar. Dat hele proces van drafts die mislukken, gaat na dat eerste boek gewoon weer door. Want die stappen zijn dus - in ieder geval bij mij - nodig om tot een goed boek te komen. Nu ben ik veel comfortabeler met dat gevoel dat het niet meteen geslaagd hoeft te zijn. We leven natuurlijk in een wereld waarin je moet bewijzen dat je productief en succesvol bent. En dus kreeg ik continu te maken met een gevoel van falen. Want ik produceerde werk, maar ik wist dat het niet goed genoeg was om te laten zien. Daarnaast heb ik de afgelopen jaren veel over mezelf als auteur geleerd. Ik ben bijvoorbeeld niet het soort schrijver dat graag heel publiek aanwezig is. Ik geef natuurlijk interviews, ga naar de nodige literaire feesten en geef lezingen. Maar ik heb van mezelf geaccepteerd dat het niet verkeerd is als ik daar niet het type voor ben.’

‘Ik produceerde werk, MAAR IK WIST DAT HET NIET GOED GENOEG WAS om te laten zien’

Je onderwijst ook aan het Hunter College in New York. Hoe combineer je dat met je werk?
‘Ik geef les aan studenten van de Master of Fine Arts-faculteit voor het vak creatief schrijven. Per jaar worden daar zes of zeven studenten geaccepteerd. Het is een heel fijne ervaring. Als schrijver werk je natuurlijk heel geïsoleerd en zit je heel erg in je hoofd. Door les te geven ben ik een dag per week onder de mensen. Bovendien krijg je van je leerlingen vragen waar zij mee zitten als beginnende schrijver, maar dat zijn dezelfde vragen waar je als succesvol schrijver mee zit. Klopt de structuur van je verhaal? Kan de lezer het nog volgen? Het is verfrissend om zo ook scherp te blijven. Want de adviezen die ik mijn leerlingen geef, kan ik zelf vaak genoeg ook gebruiken.’

Hoe combineer je schrijven, lesgeven en wonen in NY met elkaar?
‘New York dwingt me het schrijven als een echte 9-to-5 job te beschouwen. Best gek eigenlijk, want mijn eerste boek, The tiger’s wife, heb ik vooral ’s nachts en ’s avonds geschreven. Ik zie mezelf ook meer als nachtmens. Ik ben best bang aangelegd en als je ’s nachts schrijft, kun je alle lampen aan laten en hoef je niet te gaan slapen. Nu schrijf ik overdag en heb ik geleerd om onder lawaaierige omstandigheden geconcentreerd te blijven. Ze hebben namelijk de afgelopen 2,

Wat is je advies voor beginnende schrijvers?
‘Mijn eerste advies: een waardeloze draft bestaat niet. Hoe verschrikkelijk en hopeloos het ook mag voelen om een kladversie te schrijven die je weer weg moet gooien: zie het als een les. Je hebt van die eerste fouten geleerd en kan weer door met poging twee. Advies nummer twee: probeer je eigen ritme te vinden en vergelijk jezelf niet te veel met anderen. Onthoud dat mensen alleen hun successen posten op social media, maar nooit hun mislukkingen.’

Ben je alweer met een nieuw boek bezig?
‘Ik ben een van mijn drafts aan het bewerken, waar ik eerder niet mee verder kwam. Soms moet je iets laten liggen en afstand nemen, voor je het hele verhaal kunt zien. Daarnaast ben ik tegelijkertijd met een ander verhaal bezig. Een soort desert island-avontuur. Dat idee kreeg ik toen we op vakantie waren in Florida en een oud fort bezochten op een klein eiland voor de kust. Mijn hersenen gingen direct in de hoogste versnelling en ik wist dat daar een verhaal in zat. Ik vind het prettig om aan twee dingen tegelijk te werken. Vooral tijdens de eerste fase kan ik wel eens vastlopen. Dan switch ik naar het andere verhaal en vice versa.’

Wat is je favoriete boek?
‘Mijn smaak verandert natuurlijk met de jaren, maar een constante is De meester en Margarita van Michail Boelgakov. Ik vind het vertellende perspectief van het boek heel erg goed. Elke keer als ik het herlees, ben ik verrast. Ik heb het inmiddels zeven keer gelezen of ernaar geluisterd via een luisterboek. Met een luisterboek beleef je een verhaal anders. Als ik in Wyoming ben, huur ik altijd een auto en dan is het echt heerlijk om naar een mooi verhaal te luisteren terwijl ik lange afstanden rijd.’

Wat zou een goede vraag zijn voor onze boekclublezers over je laatste boek?
‘Zijn de hoofdpersonen in het boek goed of slecht? Als mensen het boek gelezen hebben, zullen ze mijn vraag begrijpen. Er wordt namelijk best veel in gelogen, allemaal uit een soort zelfredzaamheid. En dan is natuurlijk altijd de vraag: zou jij hetzelfde doen en voor jezelf kiezen of je inzetten voor het algemene goed?’

window._taboola = window._taboola || []; _taboola.push({ mode: 'alternating-thumbnails-a', container: 'taboola-below-article-5f356e7f31368', placement: 'Below Article Thumbnails', target_type: 'mix' });

Laatste nieuws