Astrid Holleeder
Personality

Astrid Holleeder breekt met haar verleden: 'Liever doodgeschoten dan nog één dag binnen'

Na een decennium in de schaduw ruilt de meest besproken vrouw van Nederland haar grijze camouflage in voor koningsblauw en vurig rood. Een gesprek over identiteit, overleven en de onvoorwaardelijke liefde voor een kleindochter.

Rowan Hattu Leestijd 2 minuten

Hoe overleef je wanneer de wereld om je heen krimpt tot de afmetingen van een beveiligde cocon? Voor Astrid Holleeder was het antwoord simpel, doch meedogenloos: verbetenheid, zo omschrijft ze in gesprek met Nouveau. Tien jaar lang leefde ze in een sociaal isolement dat voor de gemiddelde mens onbevattelijk is. Geen feestjes, geen spontane gesprekken op straat, geen familiebezoeken. Alleen de hartslag van haar hondje hield de stilte op afstand in een wereld die ze zelf omschrijft als ‘kaal en desolaat’.

'Doordat ik altijd denk: fuck iedereen, je krijgt me er toch niet onder.

Astrid Holleeder

Het verlies van het 'zelf'

De prijs van haar getuigenis was niet alleen haar veiligheid, maar haar gehele identiteit. De gerespecteerde advocate moest plaatsmaken voor een schim. Om onzichtbaar te blijven, hulde ze zich in grijstinten. Ze werd een 'grijze muis' in een maatschappij die haar niet mocht herkennen. Het leidde tot een pijnlijk verlies van het zelf. Want wie ben je nog als je niet de moeder of oma kunt zijn die je in je hart bent?

In de diepste anonimiteit speelde ze de rol van haar leven. Wanneer er collega’s bij haar dochter op bezoek kwamen, transformeerde de vrouw die de onderwereld deed wankelen in de rol van oppas of schoonmaakster. De vernedering was compleet toen een jonge artdirector haar terechtwees omdat ze haar eigen kleindochter een koekje gaf. Astrid zweeg. Ze moest wel. De identiteit van de vrouw achter de oma mocht onder geen beding worden onthuld.

De stip op de horizon

Wat houdt een mens op de been in zo’n uitzichtloze strijd? Voor Astrid was dat haar kleindochter. De zorg voor het meisje, dat lijdt aan epilepsie, was haar morele kompas. Ze wilde haar behoeden voor de schok van een mogelijke aanslag, een trauma dat fysieke gevolgen zou kunnen hebben. "Mijn stip op de horizon was haar twaalfde verjaardag," vertelt ze. "Ik vond dat ik dan mijn plicht had gedaan."

"Ik dacht: ik heb misschien nog tien goede jaren, die ga ik echt niet binnen zitten. Echt, dan word ik liever doodgeschoten."

Astrid Holleeder

Een claim op de toekomst

Nu de zestig is gepasseerd, weigert ze de resterende jaren in angst te slijten. De grijze jas is verbrand; daarvoor in de plaats kwamen pakken in knalblauw en rood. Het is een visuele schreeuw om vrijheid, een claim op het leven dat haar bijna was afgenomen. De dreiging van haar broer, die vanuit de EBI nog altijd een schaduw over haar leven werpt, is er nog steeds. Hij heeft immers niets meer te verliezen en kan vanuit een minder beveiligde omgeving een heel leger aansturen.

Maar Astrid heeft besloten dat haar tijd van verstoppen voorbij is. Haar verhaal is niet alleen een relaas van misdaad en verraad, maar vooral een ode aan de menselijke veerkracht. Een les in stijl, ook in de meest duistere tijden: dat ware luxe niet zit in materiële zaken, maar in het simpele recht om een blauw pak te dragen en hardop te zeggen wie je bent.

Het hele interview met Astrid Holleeder lees je in de nieuwe Nouveau. Nu in de winkels!