“Ouder worden maakt me soms onzeker, ja,” begint ze met haar kenmerkende nuchterheid. “Je lijf verandert, je bent sneller moe en er sluipen wat pijntjes binnen.” Het is een paradox die veel vrouwen maar al te goed kennen: enerzijds brengt leeftijd wijsheid en zelfvertrouwen, anderzijds confronteert het je met veranderingen die je niet vroeg had zien aankomen.
Maar laat één ding duidelijk zijn; Fockeline kijkt niet met spijt terug. Integendeel. “Als ik nu naar mezelf als 25‑jarige kijk denk ik: wat een heerlijk wijf was ik,” zegt ze lachend. “Je ziet dat op dat moment alleen niet. Je bent altijd bezig met perfectie, erbij willen horen, streven naar meer. Het mooie? Op mijn veertig plus voel ik me er eindelijk écht bij horen.”
Minder oordeel, meer vrijheid
Wat opvalt in haar woorden is een prachtige verschuiving: van onzekerheid naar zelfacceptatie. “Vroeger was ik bezig met wat iedereen dacht — nu ben ik vooral bezig met wat ik wil,” zegt ze. De vrijheid om nee te zeggen, minder last te hebben van meningen van anderen en jezelf durven zijn: dat is voor haar het echte cadeau van ouder worden.
Ze glimlacht bij de gedachte aan jonge collega’s en hun energie, maar ook bij de zorgen die zij zich maken over perfecte lichamen. “Dat vind ik soms verdrietig en herkenbaar,” zegt Fockeline. Het gaat niet om perfect, het gaat om leven.
Je lijf blijft altijd een gesprek
Natuurlijk mist ze af en toe haar atletische lijf. “We verlangen altijd terug naar wie we waren,” zegt ze. Maar het houdt nooit op — en dat is eigenlijk best jammer. Die voortdurende zoektocht naar ‘goed genoeg’ wordt pas zachter wanneer je ouder wordt.
Expressie boven perfectie
Over uiterlijk zegt Fockeline het treffend: het draait om expressie, niet om perfectie. Ze houdt van kleding, van mode, maar draagt make‑up met een lichte hand; rouge op de wangen, een likje mascara. Subtiel, elegant, haar eigen stijl.